Wie ooit zijn elleboog heeft gestoten op het bekende telefoonbotje, weet hoe een geprikkelde zenuw voelt: een scheut, tintelingen tot in de pink, en na een minuut is het weg. Bij zenuwpijn vanuit de rug gebeurt iets vergelijkbaars, alleen houdt de prikkeling langer aan.
Uit het ruggenmerg treedt op elke hoogte links en rechts een zenuwwortel uit, door een opening tussen twee wervels. Die wortels bundelen zich tot zenuwen die naar bil, been en voet lopen. Hoe dat in elkaar zit, staat in hoe zenuwen uittreden tussen wervels.
Een zenuw is geen stugge kabel. Hij glijdt enkele millimeters mee als u bukt of uw been strekt, en heeft daar ruimte voor nodig. Hij heeft een eigen netwerk van kleine bloedvaten, want zenuwweefsel verbruikt veel zuurstof. En hij heeft beweging nodig om die doorbloeding op gang te houden. Schiet een van de drie tekort, dan gaat de zenuw signalen afgeven die u voelt als pijn, tinteling of een doof gevoel.


