Uw rugspieren beslissen niet zelf hoe hard ze aanspannen. Dat doet het zenuwstelsel, en grotendeels buiten uw wil om. Het autonome zenuwstelsel heeft daarvoor een gaspedaal en een rem.
Het gaspedaal maakt u alert en zet spieren op scherp. De rem brengt rust, vertering en herstel.
Een gezond systeem wisselt soepel tussen die twee. Overdag meer gas, ‘s avonds meer rem. Bij aanhoudende drukte, zorgen of pijn blijft het gaspedaal ingedrukt. De basisspanning in nek, schouders en lage rug gaat dan een fractie omhoog en blijft daar hangen.
U merkt dat niet als spanning. U merkt het als een rug die ‘s avonds moe is, als kaken die op elkaar staan, als een nek die niet wil draaien. De signalen die erbij horen, staan beschreven in hoe u overspanning herkent.


